Nieuws

12 mei

Scholingsvouchers UWV op?

Het UWV voert de Tijdelijke regeling subsidie scholing richting een kansberoep uit. Er zijn inmiddels 14.500 vouchers verleend, waarvan ruim drie kwart aan mensen met een WW-uitkering. Het subsidieplafond voor 2017 is vanwege onverwacht grote belangstelling al bereikt. Het UWV gaat daarom de meeste nieuwe aanvragen afwijzen. Er zijn echter uitzonderingen.

Er is nog budget gereserveerd voor werknemers in de langdurige zorg die zelf direct zorg verlenen of mensen die vanuit zo’n baan in de WW of IOW terecht zijn gekomen. Het gaat om de thuiszorg, ouderenzorg, gehandicaptenzorg en geestelijke gezondheidszorg.

Tip: Werkt u of werkte u als zorgverlener in de langdurige zorg en wilt u zich omscholen? Vraag dan snel een scholingsvoucher aan. De voorwaarden en het aanvraagformulier vindt u op www.uwv.nl/scholingsvoucher

Lees meer
12 mei

Wetsvoorstel partneralimentatie gewijzigd

In 2015 is een wetsvoorstel ingediend om partneralimentatie eenvoudiger te berekenen en de duur te beperken. Onlangs is dit voorstel aangepast.  De begrippen behoefte en draagkracht worden vastgelegd. De behoefte komt op 60 procent van het netto gezinsinkomen verminderd met de kosten van de kinderen. Er komen tabellen voor de kosten van de kinderen en de berekening van de draagkracht van de alimentatieplichtige. Wat wordt de voorgestelde duur van de partneralimentatie?

De alimentatieduur wordt beperkt tot de helft van het aantal jaren dat het huwelijk heeft geduurd, met een maximum van 5 jaar. Maar er zijn uitzonderingen. Als het huwelijk langer dan 15 jaar heeft geduurd en de alimentatiegerechtigde binnen 10 jaar AOW-gerechtigd wordt, dan eindigt de alimentatie pas op dat moment. Verder eindigt de partneralimentatie niet eerder dan op het moment dat het jongste kind 12 jaar wordt. Maar de alimentatieplicht eindigt wel altijd bij het bereiken van de AOW-leeftijd van de alimentatieplichtige.

Let op: Het is een wetsvoorstel. Als het wordt aangenomen, bepaalt de wet vanaf welke datum de nieuwe regels van toepassing zijn.

Lees meer
28 apr

ZZP-ers: voortgang nieuwe regels

Op korte termijn wordt het onderzoek naar de herijking van de arbeidsovereenkomst aan de informateur aangeboden. Het gaat in op de begrippen gezagsverhouding en vrije vervanging. Het rapport kan dan in de formatieonderhandelingen worden gebruikt. De handhaving door de Belastingdienst blijft, behalve voor kwaadwillenden, tot in ieder geval 1 januari 2018 opgeschort.

Voor het zomerreces wil de staatssecretaris helderheid geven over het verdere traject en de gevolgen hiervan voor de opschorting van de handhaving. In ieder geval moeten opdrachtgevers en opdrachtnemers voldoende tijd krijgen om zich aan te passen.

Let op: Het nieuwe kabinet is verantwoordelijk voor een soepele voortgang in het zzp-dossier.

Lees meer
28 apr

BTW-nummer op uw website

Bezoekers van uw website moeten eenvoudig kunnen vinden wat voor bedrijf u hebt, waar het gevestigd en ingeschreven is, en hoe ze contact kunnen opnemen. Als ondernemer bent u verplicht uw btw-nummer op uw website te vermelden. Voor eenmanszaken dient zich een probleem aan.

Uw btw-nummer is immers gebaseerd op uw burgerservicenummer (BSN). Dus wie uw btw-nummer heeft, heeft uw BSN. Dat staat op gespannen voet met de Wet bescherming persoonsgegevens en de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer vanwege het risico van identiteitsfraude. Het Adviescollege toezicht regeldruk adviseert eenmanszaken uit te zonderen van de verplichting het btw-nummer openbaar te maken.

Tip: Naast het btw-nummer moet u als ondernemer uw KvK-nummer op uw website vermelden.

Lees meer
28 apr

Belast deel kilometervergoeding aftrekken?

Een dierenartsbezoeker in loondienst rijdt met zijn eigen auto naar afspraken. Daarvoor ontvangt hij van zijn werkgever een vergoeding van € 0,31 per zakelijke kilometer. Dat is meer dan de maximale onbelaste vergoeding van € 0,19. De werkgever draagt over het belaste deel (€ 0,12) loonheffing af. Tot zover prima. Maar wat doet de werknemer? Hij verwerkt € 5.600 belaste kilometervergoeding als aftrekpost in zijn aangifte inkomstenbelasting. Correctie volgt.

Bij de rechter stelt de werknemer onder meer dat deze aftrekpost acht jaar wel is geaccepteerd. Zijn aangiften zijn immers niet gecorrigeerd. Daaraan heeft hij vertrouwen ontleend. Volgens de inspecteur zijn de aangiften echter in deze acht jaar niet gecontroleerd. Er was al die jaren geen sprake van een bewuste standpuntbepaling. Daarom kan, ook volgens de rechter, geen sprake zijn van gerechtvaardigd vertrouwen.

Let op: Als u zelf aangifte doet en de aanslag wordt zonder correctie opgelegd, wil dat niet automatisch zeggen dat uw aftrekposten geaccepteerd zijn en dat u die in latere jaren om die reden weer mag opvoeren.

Lees meer
28 apr

Belasting op vermogen 2018 en 2019

 

Met ingang van 2017 gelden er twee tarieven voor de belasting op uw vermogen in Box 3. Het lage tarief ( 1,63%) is bedoeld voor sparen en het hogere (5,39%) voor beleggen. Naarmate uw vermogen hoger is, wordt u verondersteld meer te beleggen en betaalt u meer in het hogere tarief. Over een vermogen tot € 75.000 (na aftrek van heffingsvrij vermogen van € 25.000) betaalt u 2,871% belasting. Over een vermogen tussen € 75.000 en € 975.000 betaalt u 4,6% belasting. Is uw vermogen echter hoger dan € 975.000, dan betaalt u over het meerdere 5,39%. Wat zijn de percentages voor 2018 en 2019?

In 2018 wordt het tarief voor sparen 1,3% (in plaats van 1,63%) en voor beleggen 5,38% (in plaats van 5,39%). De raming voor 2019 is een tarief voor sparen van 0,89% en voor beleggen van 5,33%. De Staatssecretaris maakt jaarlijks in het voorjaar de tarieven voor het komende jaar bekend.

Tip: Bepaal voor 1 januari 2018 wat u met uw vermogen in Box 3 doet. Denk aan schenken aan uw kinderen, overhevelen naar Box 2 of omzetten in vrijgestelde bestanddelen.

Lees meer