Nieuws

12 mei

Ondernemerschap IT-consultant

Een IT-consultant staat ingeschreven in het Handelsregister met als activiteiten: advisering op het gebied van informatietechnologie en consultancy en een handel in dataopslagsystemen. Hij claimt de fiscale voordelen van ondernemerschap voor inkomstenbelasting en omzetbelasting. De Belastingdienst weigert en partijen belanden voor de fiscale rechter.

Het gerechtshof beslist dat van ondernemerschap geen sprake is. Waarom? De consultant werkte gedurende vijf jaar fulltime voor slechts één opdrachtgever. Hij mocht alleen met toestemming van die opdrachtgever voor anderen werken. Hij kreeg een vaste vergoeding per jaar, uitbetaald in maandelijkse termijnen. Bij bijeenkomsten en seminars van zijn opdrachtgever moest de consultant aanwezig zijn. Hiermee staat vast dat het voor de uitoefening van een onderneming vereiste zelfstandige karakter ontbreekt. Bovendien heeft de consultant nauwelijks investeringen gedaan en ondernemersrisico gelopen.

Tip: Fiscaal ondernemerschap heeft voordelen. Laat u goed adviseren om teleurstellingen achteraf te voorkomen. Zoals u wellicht weet, is het de bedoeling dat een nieuw kabinet met meer eenduidige criteria gaat komen.

Lees meer
12 mei

Medewerker ziek: wat mag u registreren?

Een werkgever registreerde bij ziekmelding van een werknemer aard en oorzaak van de ziekte. Dat mag niet. Aard en oorzaak van de ziekte mag de werkgever niet vragen en al helemaal niet vastleggen. Werkgevers mogen alleen gegevens vragen die noodzakelijk zijn voor de vaststelling van de verplichting om loon door te betalen en hoe het verder moet met de werkzaamheden. Wat betekent dat?

U mag als werkgever wel vragen naar de verwachte duur van het verzuim of naar de mogelijkheid om tijdelijk ander werk te doen. De mate van inzetbaarheid of arbeidsongeschiktheid mag u alleen vastleggen als u daarover een advies hebt van de bedrijfsarts of arbodienst.

Let op: U kunt van de Autoriteit Persoonsgegevens een dwangsom opgelegd krijgen als u te veel gegevens registreert van zieke medewerkers. Laat u goed adviseren en zorg voor goede procedures  bij en na ziekmelding.

Lees meer
12 mei

Scholingsvouchers UWV op?

Het UWV voert de Tijdelijke regeling subsidie scholing richting een kansberoep uit. Er zijn inmiddels 14.500 vouchers verleend, waarvan ruim drie kwart aan mensen met een WW-uitkering. Het subsidieplafond voor 2017 is vanwege onverwacht grote belangstelling al bereikt. Het UWV gaat daarom de meeste nieuwe aanvragen afwijzen. Er zijn echter uitzonderingen.

Er is nog budget gereserveerd voor werknemers in de langdurige zorg die zelf direct zorg verlenen of mensen die vanuit zo’n baan in de WW of IOW terecht zijn gekomen. Het gaat om de thuiszorg, ouderenzorg, gehandicaptenzorg en geestelijke gezondheidszorg.

Tip: Werkt u of werkte u als zorgverlener in de langdurige zorg en wilt u zich omscholen? Vraag dan snel een scholingsvoucher aan. De voorwaarden en het aanvraagformulier vindt u op www.uwv.nl/scholingsvoucher

Lees meer
12 mei

Wetsvoorstel partneralimentatie gewijzigd

In 2015 is een wetsvoorstel ingediend om partneralimentatie eenvoudiger te berekenen en de duur te beperken. Onlangs is dit voorstel aangepast.  De begrippen behoefte en draagkracht worden vastgelegd. De behoefte komt op 60 procent van het netto gezinsinkomen verminderd met de kosten van de kinderen. Er komen tabellen voor de kosten van de kinderen en de berekening van de draagkracht van de alimentatieplichtige. Wat wordt de voorgestelde duur van de partneralimentatie?

De alimentatieduur wordt beperkt tot de helft van het aantal jaren dat het huwelijk heeft geduurd, met een maximum van 5 jaar. Maar er zijn uitzonderingen. Als het huwelijk langer dan 15 jaar heeft geduurd en de alimentatiegerechtigde binnen 10 jaar AOW-gerechtigd wordt, dan eindigt de alimentatie pas op dat moment. Verder eindigt de partneralimentatie niet eerder dan op het moment dat het jongste kind 12 jaar wordt. Maar de alimentatieplicht eindigt wel altijd bij het bereiken van de AOW-leeftijd van de alimentatieplichtige.

Let op: Het is een wetsvoorstel. Als het wordt aangenomen, bepaalt de wet vanaf welke datum de nieuwe regels van toepassing zijn.

Lees meer
28 apr

Belasting op vermogen 2018 en 2019

 

Met ingang van 2017 gelden er twee tarieven voor de belasting op uw vermogen in Box 3. Het lage tarief ( 1,63%) is bedoeld voor sparen en het hogere (5,39%) voor beleggen. Naarmate uw vermogen hoger is, wordt u verondersteld meer te beleggen en betaalt u meer in het hogere tarief. Over een vermogen tot € 75.000 (na aftrek van heffingsvrij vermogen van € 25.000) betaalt u 2,871% belasting. Over een vermogen tussen € 75.000 en € 975.000 betaalt u 4,6% belasting. Is uw vermogen echter hoger dan € 975.000, dan betaalt u over het meerdere 5,39%. Wat zijn de percentages voor 2018 en 2019?

In 2018 wordt het tarief voor sparen 1,3% (in plaats van 1,63%) en voor beleggen 5,38% (in plaats van 5,39%). De raming voor 2019 is een tarief voor sparen van 0,89% en voor beleggen van 5,33%. De Staatssecretaris maakt jaarlijks in het voorjaar de tarieven voor het komende jaar bekend.

Tip: Bepaal voor 1 januari 2018 wat u met uw vermogen in Box 3 doet. Denk aan schenken aan uw kinderen, overhevelen naar Box 2 of omzetten in vrijgestelde bestanddelen.

Lees meer
28 apr

ZZP-ers: voortgang nieuwe regels

Op korte termijn wordt het onderzoek naar de herijking van de arbeidsovereenkomst aan de informateur aangeboden. Het gaat in op de begrippen gezagsverhouding en vrije vervanging. Het rapport kan dan in de formatieonderhandelingen worden gebruikt. De handhaving door de Belastingdienst blijft, behalve voor kwaadwillenden, tot in ieder geval 1 januari 2018 opgeschort.

Voor het zomerreces wil de staatssecretaris helderheid geven over het verdere traject en de gevolgen hiervan voor de opschorting van de handhaving. In ieder geval moeten opdrachtgevers en opdrachtnemers voldoende tijd krijgen om zich aan te passen.

Let op: Het nieuwe kabinet is verantwoordelijk voor een soepele voortgang in het zzp-dossier.

Lees meer